bijgewerkt op: 22.06.2013

Over de voorouders van de familie Houtkamp

GENERATIES

Voorwoord

Het zoeken naar de voorouders van de Houtkampfamilie die in de 17e en 18e eeuw hebben geleefd was niet eenvoudig. Volgens bepaalde gegevens waren kinderen van hen, de vroegst bekende leden van de hierna beschreven stamboom afkomstig uit Dortmund. Navraag bij het genealogisch archief van die stad naar het voorkomen van de naam 'Houtkamp' in de bevolkingsregisters leverde geen resultaat op overigens ook al door weinig medewerking van die kant i.v.m. de aan het onderzoek te besteden tijd. Na meerdere mislukte pogingen om personen uit die tijd in Dortmund en omgeving met de naam Houtkamp te vinden kwam de gedachte op dat de naam Houtkamp afgeleid kon zijn van bijvoorbeeld de naam "Holtkamp".
Navraag bij de Duitse Genealogievereniging."Roland" had als resultaat dat er een zekere Johan Holtkamp geweest moet zijn. Hij is getrouwd ergens voor 1675 maar zijn vrouw is onbekend, evenals zijn ouders. De voornamen van nakomelingen van hem die naar Amsterdam vertrokken zijn vertonen gelijkenis met de in Amsterdam door hen gebruikte voornamen. Ook de opgegeven geboorte- of doopdata komen vrijwel overeen met de data uit Dortmund waaruit blijkt dat inderdaad deze Johan Holtkamp een voorvader geweest moet zijn.

Een zoon van deze Johan Holtkamp, Wennemar Holtkamp, was Evangelisch Luthers gedoopt in Dortmund, St.Reinoldi op 10.10.1675. Hij was getrouwd voor 1701, zijn vrouw is onbekend evenals zijn moeder. Deze zoon van Johan Holtkamp, Wennemar Holtkamp had in Dortmund vier kinderen waarvan er zeker twee met verandering van voor- en achternaam zijn verhuisd naar Amsterdam. Eén van de zoons noemde zich in Amsterdam Anthony Houtkamp (oorspronkelijke voornaam Anthon Wilm) met doopjaar 1701. Een tweede zoon, die gedoopt was in 1717, nam de naam Dirk Houtkamp aan (oorspronkelijke voornaam Rötger Diederich) en deze veranderde later zijn voornaam nogmaals en wel in Rutger Dirk. Van beide laatsten, in ieder geval behorend tot de directe lijn van afstamming is eveneens de moeder onbekend. Een vermoedelijk ander ver familielid van Johan Holtkamp trouwde in 1692 in Amsterdam waar hij zich eveneens Anthony Houtkamp noemde en als doopdatum opgaf 21.11.1662. Deze Anthony valt dan buiten de lijn van directe afstamming.

Voor iemand, die van buiten Amsterdam kwam en zich in Amsterdam wilde vestigen, of men nu uit een provincie of uit het toenmalige buitenland kwam, was bij de stedelijke overheid geen inschrijving vereist. Officiële gegevens over leeftijd en dergelijke hoefden niet overlegd te worden. Die waren pas nodig als men een bepaald beroep wilde uitoefenen en lid van een gilde wilde worden of zoals hier bij een voorgenomen huwelijk. Veelal meldde men zich dan ook bij de godsdienstige gemeente waarbij men wilde behoren. Het ontbreken van officiële papieren maakt geringe afwijkingen voor wat betreft de opgegeven geboortedata mogelijk.

Wanneer de in 1662 geboren Anthony als eerste lid van de Holtkamp familie precies in Amsterdam is gaan wonen is niet duidelijk maar hij was een van de stroom Duitse en ook wel Vlaamse emigranten die zich in de 17e en 18e eeuw in de toenmalige Nederlanden en vooral in Amsterdam vestigden. De reden kon zijn de vervolging van aanhangers van het Protestants-Lutherse geloof in Katholieke landen maar ook wel armoede. Men hoopte een beter bestaan op te kunnen bouwen in de betrekkelijk welvarende republiek. Het uitoefenen van de Lutherse godsdienst werd in de tolerante Nederlanden die eerst Katholiek en daarna Gereformeerd waren in het begin oogluikend toegestaan. In de loop van de 17e eeuw werd ook het openlijk belijden van het Lutherse geloof officieel steeds meer toegestaan en werd in het toch Calvinistische Amsterdam toestemming gegeven voor het bouwen van Lutherse kerken. De Lutheranen waren in de 17e en 18e eeuw de grootste groep christelijke buitenlanders in Amsterdam. Oorspronkelijk een immigrantenkerk met vooral Duitse leden, in het einde van de 17e eeuw vernederlandste de kerk steeds meer.
De Lutherse predikanten waren tot ver in de 18e eeuw nog meestal Duits terwijl ook de preken veelal in die taal gehouden werden. Kosters waren in de 18e eeuw belast o.a.met het bijhouden van de administratie van doop en begrafenis van de leden van de kerk. Ondertrouwaktes werden door de stedelijke overheid opgemaakt. De Luthersen waren een vrij hechte gemeenschap wat blijkt uit de vele huwelijken met geloofsgenoten, ook soms met uit Duitsland afkomstige emigranten van de Lutherse geloofsgemeenschap. Als getuigen bij de doop kwamen ook dikwijls namen voor die te maken hadden met deze geïmmigreerde leden van de Houtkamp familie die allen het Lutherse geloof aanhingen.
Dat de naar Amsterdam vertrokken leden met de achternaam Holtkamp allen het vak van blikslager uitoefenden maakt dat zij inderdaad tot één familie behoorden zeer waarschijnlijk.
De eerste gegevens over naar Amsterdam geëmigreerde Holtkamp-familieleden die verkrijgbaar waren gingen over Wennemar Holtkamp, die zich Anthony Houtkamp noemde.


Voor de volledigheid nog dit:
In de hierna volgende gegevens die grotendeels uit oude archieven verkregen zijn is de voornaam Anthony op verschillende manieren gespeld zowel met y aan het eind maar ook wel eindigend op ie en tevens met of zonder h in het midden.Hetzelfde geldt voor toenmalige straatnamen en bijv. namen van kerkhoven waar de naam Anthony of bijv.Anthonis in voorkomt.Ook de spelling bij.straatnamen wil nog wel eens afwijkend zijn. Een bijzondere betekenis hebben deze verschillende schrijfwijzen zelden.

Anthony Houtkamp,mogelijk familie van Johann (broer?) maar dus buiten de directe lijn van afstamming vallend met de oorspronkelijke voornaam “Wennemar” is op  21.11.1692 in Amsterdam in ondertrouw gegaan met Marritje Pieters uit Amsterdam.
Hij was toen 30 jaar, zijn geboortejaar was 1662.
Op de bij de aangifte behorende akte staat ook aangegeven dat hij uit Dortmund kwam, van beroep blikslager was(de taak van de blikslager was het maken van allerlei voorwerpen uit dunne metaalplaten, zowel voor huishoudelijke doeleinden als scheepsbenodigdheden), dat het huwelijk in Amsterdam plaats zou vinden en dat hij toen woonde in de Jonkerstraat. Volgens de ondertrouwakte waren zijn ouders dood evenals die van zijn a.s. vrouw.
Op 3 Juni 1693 werd een kind uit dit huwelijk, nog naamloos, begraven in de Nieuwe Zijds kapel (Kinderlijken). Het woonadres was toen de Nauwe Kapelsteeg. De begrafeniskosten waren ƒ 7,10

Het huwelijk eindigde door het overlijden van Marritje Pieters. Zij werd op 15.06.1707 in Amsterdam begraven op het Karthuizer Kerkhof (Nieuwe Zijds Kapel).De kosten bedroegen ƒ 15,00. Het woonadres was de Kalverstraat in de Nieuwe Kapelsteeg.



Niet lang daarna op 27.10.1707 gaat weduwnaar Anthony, toen wonend in de Calverstraat, in ondertrouw met Margreta Mulder uit Amsterdam, oud 36 jaar, wonend op de Beregracht. Volgens de ondertrouwakte waren haar ouders overleden, haar broer Jan Mulder was getuige.
Zij kregen twee dochters nl:

Marretje die wordt gedoopt op 18.11.1708 door pastor Theodurus Dominicus. Getuigen waren Johannes Kramers en Katrina Mulders. Zij is begraven op 21-11-1711 in de Nieuwe Zijds Kapel vanuit de woning in de Kalverstraat, Nauwe Kapelsteeg. Vermelde kosten voor de begrafenis ƒ 17,10.

Jakoba, die wordt gedoopt op 04.06.1710 door pastor Bernhard Heinrich Empzichoff. Getuigen waren hier Jakob Basse en Katrina Peereboom. (volgens doopregister was de naam van de moeder Margrietje Mulders). Op 13-05-1713 is een kind begraven van Antonie Houtc(k)amp in de Nieuwe Zijds Kapel vanuit het woonhuis het Rokin, Nauwe Capelsteeg, kosten ƒ 10,00.

Op 21.05.1720 werd op het St.Anthonis Kerkhof een Grietje Mulder begraven, waarschijnlijk de echtgenote van Anthony. Zij was op 18.05.1720 als Grietie Mulders in het begraafregister ingeschreven op aangifte van een Celitje Jacobs.

Anthony heeft volgens een koopcontract, waarin hij Meester Blikslager genoemd wordt, op 14 .11.1714 een ”Huis en erve Staende en Leggende in de Korte Keyzersdwarsstraat aan de Zuydzyde” gekocht voor ongeveer 1925(?) gulden.

Anthony wordt op 24.11.1719 in Amsterdam begraven in de Nieuwe Lutherse Kerk. Hij werd aangeslagen voor 6 gulden begrafeniskosten, een bedrag wat voor de meeste overledenen betaald moest worden. Kennelijk was hij bij zijn overlijden niet bijzonder vermogend. Als laatste woonadres werd in de overlijdensakte aangegeven de Enge Capelsteeg, Amsterdam.

Generatie 10

Johann Holtkamp.
Uit de verkregen gegevens kan aangenomen worden dat de oudst bekende voorvader van de Houtkamp familie de genoemde Johann Holtkamp geweest moet zijn, geboren in Dortmund en gehuwd ergens vóór 1675. Verdere gegevens zoals de naam van de echtgenote of van de ouders van deze Johann zijn niet bekend.

Generatie 9

Wennemar Holtkamp, zoon van Johann Holtkamp. Hij was gedoopt op 10.10.1675 en gehuwd ergens voor 1701.
Hij had vier zoons waarvan in ieder geval twee met verandering van naam (Antony en Dirk) naar Amsterdam zijn vertrokken.

Generatie 8

Anthony Houtkamp was volgens zijn gegevens geboren in 1700 in Dortmund.
Hij woonde in Amsterdam op de St.Anthoniedreef. Zijn ouders waren dood toen hij op 26 jarige leeftijd op 26.04.1726 in ondertrouw ging met Maria Erasmu(se) uit Amsterdam die woonde op de Keizersgracht. Zij was toen 35 jaar. Haar getuige was haar vader, Johannes Erasmus. Anthony's getuige was Dirk Potgieter.

Zij hadden een zoon:

Willem, op 19-01-1727 gedoopt door pastor Hermanus van Garél, Evangelisch-Luthers en met een Willem Houtkamp en een Angenita Bergman als getuigen. Uit onderzoek blijkt dat op 11.05.1727 een kind met de naam Willem Houtkamp is begraven (ingeschreven in het register van het Middel op Begraven van 09.05.1727) op het St.Anthonis Kerkhof in Amsterdam.

Het huwelijk tussen Anthony en Maria eindigde met de dood van Maria. Zij is op 02.02.1727 in Amsterdam na ongeveer een jaar huwelijk begraven op het St.Anthoni’s Kerkhof vanuit de Antoniebreestraat bij de Antoniesluis.

Anthony is vrij snel daarna op 01-05-1727 opnieuw in ondertrouw gegaan, nu met Geertruij Lunings, afkomstig uit Dortmund, geboren aldaar in 1697 en wonend op de Reguliersgracht. Zij was 30 jaar oud en haar getuige was Sibille Roemers.
Uit de doopregisters blijkt dat Anthony en Geertruy drie kinderen hadden:

Jan, Evangelisch-Luthers gedoopt door pastor Christiaan Tisteijn op 1 Maart 1731, getuigen Dirk Potgieter en Catharina Houtkamp. Op de begraafplaats Kinderlijken is 01.12.1734 een Jan Houtkamp begraven (aangifte door Philip Vijfhuys).

Johannes, Evangelisch-Luthers gedoopt door pastor Hermanus van Garél op 26 December 1731, getuigen Jan Frans Houtkamp en Johanna Wilhelmina Schiblerus. Een Johannes Houtkamp werd op 15.11.1739 begraven op het St.Anthoniskerkhof (aangegeven door Marieke Canjet).

Dirk, Evangelisch Luthers gedoopt op 14 September 1735 door pastor Christiaan Tisteijn, getuigen Dirk Potgieter en Catharina Houtkamp. Het is waarschijnlijk deze Dirk die volgens de begraafregisters vòòr 1811 is begraven op 01-12-1743 op het Karthuizer Kerkhof.

Anthony kocht in 1776 een huis aan de Antoniebreestraat, op de hoek van de Hoogstraat naast het Noorderhoekhuis voor ca. ƒ 9500. Het huwelijk eindigde door de dood van Geertruij.

Geertruij Lunings is op 25-01-1771 begraven in de Oude Lutherse Kerk. In de overlijdensakte werd vermeld dat zij in het bovengenoemde huis woonde en bij haar overlijden nog een kind in leven had, waarschijnlijk bovenvermelde Dirk.



Anthony Houtkamp werd begraven in de Oude Lutherse Kerk op 01-06-1787. Hij had toen mondige kinderen volgens het begrafenisregister. Hij was aangeslagen voor 30 gulden begrafeniskosten wat voor die tijd betekende dat hij in redelijk grote welstand verkeerd moet hebben.

Een vierde zoon van Wennemar Holtkamp (Anthony Houtkamp), met de naam Rötger Diederich Holtkamp, gedoopt 04.07.1717 in Dortmund St.Reinoldi reisde ook af naar Amsterdam waar hij zich noemde Dirk Houtkamp, later Rutger Dirk Houtkamp.
Dirk Houtkamp, later ook vermeld als Rutger Dirk Houtkamp was geboren in 1716 en afkomstig uit Dortmund. Hij ging op 22.01.1740 in Amsterdam in ondertrouw met Jannitje M.van Breijen uit Amsterdam. Hij woonde toen op de N.Z.Agterburgwal. Zijn ouders waren dood, zijn getuige was Anthony Houtkamp volgens de ondertrouwakte zijn broer. Jannetje van Breijen was 22 jaar en woonachtig in de Lelijstraat. Haar getuige was Annetje Margreta Mulder.

Jannetje was geboren en Evangelisch Luthers gedoopt op 14.06.1718 als dochter van Jan van Breijen en Jaapje Mulder door Pastor Adriaan Waaker. Getuigen bij de doop waren Jacobus Krudop en Anna Mulder.
Uit het huwelijk van Dirk en Jannetje werden vier zoons en een dochter geboren:

Willem, Evangelisch-Luthers gedoopt op 27 oktober 1743 door pastor Jacobus Boon. Getuigen waren Antoni Houtkamp en Geertruij Lunings. Waarschijnlijk is hij ongehuwd vertrokken uit Amsterdam want nadere gegevens over hem ontbreken.

Dirk, Evangelisch-Luthers gedoopt op 24 November 1745 door pastor Jacobus Boon. Getuigen waren Dirk Potgieter en Catharina Houtkamp. Dirk werd 3 maanden oud op 23 Februari 1746 begraven op het Westerkerkhof in Amsterdam. Als huisadres werd opgegeven de Breestraat.

Jacob, Evangelisch-Luthers gedoopt op 26 Juli 1747 door pastor Christiaan Tisteijn. Getuigen waren Obbe Rejnerse en Margreta Houtkamp.

Johanna Christina, Evangelisch Luthers gedoopt op 6 juli 1749 door Pastor Wilhelm August Klepperbein, getuigen Balthasar Raaf en Anna Christina Snutenberg.

Dirk, Evangelisch Luthers gedoopt op 3 Februari 1754 door pastor Christiaan Tisteijn. Getuigen Paulus Erasmus en Trijntje Heijleman.

Het huwelijk van Dirk Houtkamp en Jannetje van Breijen eindigde met het overlijden van de laatste op 28.01.1789, nalatende mondige kinderen. Zij is begraven in de Oude Lutherse Kerk. Haar man die zich Rutger Dirk Houtkamp liet noemen werd in de overlijdensakte aangegeven als Mr.Blikslager.

 

Op 25 September 1794 hertrouwde vader Dirk met de Amsterdamsche Engeltje Jonas. Hij woonde toen op de hoek van de Oude Spiegelstraat en de Heerengracht. Zij was 48 jaar oud, haar ouders waren dood en zij woonde op de Cingel bij de oude Lutherse kerk. Haar godsdienst was Luthers en haar getuige was de zoon van haar nieuwe echtgenoot uit zijn eerdere huwelijk, Dirk Houtkamp, wonend op de hoek van de Breestraat en de Nieuwe Hoogstraat.
Het huwelijk eindigde door de dood van Engeltje Jonas op 29.09 1794. Zij is begraven in de Oude Lutherse Kerk. Het huisadres was Heerengragt bij de Oude Spiegelstraat.

Op 25 Augustus 1797 ging Dirk, inmiddels 81 jaar met Maria Elisabeth Henriette Persinger een 3e huwelijk aan. Hij woonde toen nog steeds op de hoek van de Oude Spiegelstraat en de Heerengracht. Zijn vrouw was 36 jaren oud, geboren in Marienheim (Duitsland) in 1741. Haar ouders waren dood en zij woonde in de Warmoesstraat. Haar getuige was Johannes Brandt eveneens wonend in de Warmoesstraat.

 Maria overleed, 86 jaren oud, wonende Middenklooster op .01.1827 aldaar. Haar neef, boekverkoper Johannes Brandt, oud 50 jaar en wonende in de Warmoesstraat, deed aangifte van haar dood evenals Willem Dekker, oud 57 jaren, wonende Keizersgracht no.26, beroep aanspreker en bekende van de overledene.

Vader Dirk stierf op 96 jarige leeftijd op 16 April 1813 als meester-blikslager. Hij bezat eerst een pand in de Wolvenstraat. In 1776 kocht hij het pand in de Oude Spiegelstraat 11 hoek Heerengracht. Zijn overlijden werd in de courant behalve in het Nederlands ook in een in de Franse taal opgesteld familiebericht bekend gemaakt.

Generatie 7

Jacob Houtkamp werd geboren in Amsterdam op 26-07-1747. Hij werd Evangelisch Luthers (Lutherse kerken) gedoopt op diezelfde dag door pastor Christiaan Tisteyn. Bij de doop waren zijn vader Dirk Houtkamp en zijn moeder Jannetje van Breijen aanwezig. Getuigen bij de doop waren Obbe Rejnerse en Margaretha Houtkamp.

Jacob ging op 1769 in ondertrouw met Sara (Saara) Jonas.
Hij was toen 22 jaren oud en woonde op de hoek van de Oude Spiegelstraat en de Heerengracht. Getuige was zijn vader Dirk. Sara Jonas was Amsterdamsche, oud 39 jaar, gedoopt 16.03.1732 en zij was Luthers, echter Hervormd gedoopt door pastor Thomas van Son. Zij woonde op het Kattenburg. Haar getuigen waren haar vader Willem Jonas en haar moeder was Aeltje Halbek.
Jacob ging naar zee om daar zijn beroep van blikslager uit te oefenen. Het paar kreeg zeven kinderen, drie dochters en vier zoons:

Dirk, is op 22-05-1771 Evangelisch Luthers gedoopt door pastor Paulus Weslingh. Getuigen waren Dirk Houtkamp en Jannetje van Breijen. Dirk werd op 10.05.1772, 2 jaar oud begraven op het St. Anthoniskerkhof in Amsterdam.

Trijntje is op 19.08.1772 Evangelisch-Luthers gedoopt door pastor Paulus Weslingh. Getuigen waren Dirk Jonas en Trijntje van der Wal. Zij is overleden in 1774 en begraven op begraafplaats Kinderlijken.

Jacob,op15.05.1774,Evangelisch Luthers gedoopt door pastor Ericus Fredericus Alberti, getuigen waren Dirk Houtkamp en Jannetje van Breijen.

Dirkje op 21.06.1775, Evangelisch Luthers, gedoopt door pastor Jan Hendrik Vorstius met als getuigen Dirk Jonas en Trijntje van der Wal.

Dirk, op 09.01.1778 Evangelisch.Luthers gedoopt door pastor Paulus Weslingh, met getuigen Dirk Houtkamp en Jannetje van Breijen. Dirk werd op 04.01.1793 dus op 15-jarige leeftijd aangenomen op een voorbereidende school voor de scheepvaart. Hij overleed in 1805 in Batavia na voltooiing van zijn opleiding tot stuurman.

Johannes, gedoopt 19-03-1780 Evangelisch.Luthers door pastor Jan Hendrik Vorstius, getuigen waren Dirk Houtkamp en Jannetje van Breijen.

Engelina Geertruij, gedoopt 04-12-1785 Evangelisch Luthers(58) door pastor Ericus  Fredericus Alberti, getuigen Dirk Houtkamp Anthz. en Engelina Jonas.

Het huwelijk eindigde met de dood van Sara op 15.12.1790. Jacob en Sara woonden toen op de Hoek van de Oude Spiegelstraat en de Heerengracht. Sara werd begraven op het Heilige Weg en Leidsche Kerkhof.

 



Zoon Jacob ging op 13 April 1798 in ondertrouw met Margareta Angenetha Persinger. Zij was een dochter van Jan Frederik Persinger en Angeneta Elisabet Kleijnsmit Ritsebittel, beiden toen al overleden. Jacob werd geassisteerd door zijn grootvader Dirk Houtkamp wonend op de Heerengracht.
Margareta woonde op de Keyzersgracht en werd geassisteerd door plaatsvervanger van haar moeder Angenita Elisabet Kleijnsmit Ritsebittel.
Jacob
woonde toen op de Plagtenburgwal. Zij kregen geen kinderen.
Hij is op 22 April 1807 overleden en in de Westerkerk in Amsterdam begraven. Margareta overleed 72 jaren oud op 12.10.1842 in Amsterdam. Zij woonde toen in de Handboogstraat. Aangevers van haar overlijden waren twee bekenden, Willem Roozendaal en Jacobus Cluiver beiden 28 jaren en wonende Gasthuis, van beroep bedienden van de overledene. Margareta is overleden in het huisstaande op de Ouderestraatweg.

Generatie 6

Johannes Houtkamp, de jongste zoon van Jacob Houtkamp en Sara Jonas was geboren op 19-03-1780 in Amsterdam. Hij werd in het bijzijn van zijn ouders op dezelfde dag Evangelisch Luthers gedoopt door Pastor Vorstius. Getuigen waren: Dirk Houtkamp en Jannetje van Breijen, grootouders.

Johannes ging op 13-01-1804 in ondertrouw met Anna van Walwijk, hervormd, geboren op 25-06-1780 in Amsterdam. Zij was een dochter van Willem Abraham van Walwijk (zonder beroep) en Anna Bart. Zij werd geassisteerd door haar vader Willem Abraham vanWalwijk,wonende op de Achterburgwal bij de Vliegende Steeg. Johannes werd geassisteerd met consent van de Regenten van het Luthers Weeshuis; zijn ouders waren namelijk ten tijde van zijn huwelijk overleden.
Johannes woonde voor het huwelijk in de Zoutsteeg en Anna op de Binnenkant bij Cothof.
Het paar kreeg twee zonen:

Johannes op 10-10-1804, Evangelisch Luthers gedoopt op dezelfde dag. De pastor heette Johannes Tissel.

Jacob Dirk geboren op 18-01-1807 en eveneens Evangelisch Luthers gedoopt op 21-01-1807 door pastor Christian Heinrich Ebersbach met als getuigen Jacob Houtkamp en Dirkje Houtkamp.

Vader Johannes ging in militaire dienst. Hoe en wanneer is de vraag, overigens werd de conscriptie pas in het jaar 1811 ingevoerd. Hij liet zijn gezin achter in Amsterdam. Waar hij na zijn dienstneming of eventueel verplichte uitloting geweest is nog niet helemaal duidelijk Duidelijk is wel dat hij avonturier was.
Volgens de eerste gegevens over hem uit het Stamboek van de Nationale Militie was hij vier(?) jaren in Engeland. Volgens datzelfde Stamboek is hij vervolgens in Frankrijk gepasporteerd. Na de Napoleontische tijd werd hij op 18 Maart 1815 bij het 21e Bat. Oost Indische Infanterie geplaatst en aangesteld als flankeur (infanterist).
Volgens verdere gegevens uit het stamboek van de Nationale militie, waarin hij werd geboekt als nr. 929 (of 329?) was hij aanvankelijk 18 maart 1815 gekomen bij het 21e Bataljon Oost-Indische Infanterie welk bataljon vanuit Texel naar Indie gestuurd zou worden. Daarna op 21 September 1815 geëngageerd voor 3 jaren bij de zesde compagnie van het negentiende Bataljon O.I. Infanterie als Fuselier. Zijn persoonsbeschrijving was toen volgens de schrijfwijze van die tijd:         

Lengte   5 voet, 1duim, dus ongeveer 1 meter 60
Aangezicht rond
Voorhoofd rond
Oogen blauw
Neus ordinair
Mond ordinair
Kin rond
Haar blond
Wenkbrauwen blond
Merkbare tekenen geen

Op 29 Oktober 1815 vertrok het 21e Bataljon zonder Johannes vanuit Texel (hij was bij de 6e Cie,19e Bat., echter in het stamboek ingeschreven bij het 21e Bat.) met het schip Adm. Evertsz. met de bedoeling dienst in Indië. Het schip deed op zijn reis eerst Rotterdam aan. De Adm.Evertsz is op 24 Mei 1816 te Batavia aangekomen zonder Johannes. Op 31 Maart 1816 vertrok Johannes op het Linieschip ZMS. Nassau definitief vanuit Vlissingen naar Indië met het 19e Bataljon.

Redenen voor dienstneming in het toenmalige Indische leger kunnen divers geweest zijn. Er waren personen die in het Napoleontische leger gediend hadden, ook wel Belgen en Duitsers. Wat de Nederlanders betreft worden als redenen genoemd: huwelijksperikelen, aanraking met justitie, werkloosheid, armoede e.a.. Het handgeld dat een vrijwilliger kreeg was minstens twintig gulden, destijds een aardig bedrag.

Het Linieschip Nassau was een oorlogsschip met bewapening, voor deze reis gebruikt als troepenschip. Bij het vertrek waren 300 passagiers aan boord waaronder de militairen maar ook burgers (mannen, vrouwen en kinderen) onder wie civiele ambtenaren. Het was een voor die tijd redelijk groot houten zeilschip met een lengte van 55 meter en een breedte van bijna 15 meter. Het aantal stukken geschut was voor deze reis teruggebracht van 74 naar 20 stuks.
De overtocht was geen pretje. Het Suezkanaal was er nog niet, de tocht ging via Rio de Janeiro, in Zuid-Amerika waar het Juli 1816 aankwam. Op 04-09-1816 arriveerde het schip in Batavia, de reis had dan ongeveer 5 maanden geduurd.

Vader Johannes overleed op 24 Oktober 1816, dus ongeveer anderhalve maand  na aankomst in het hospitaal te Batavia. Hij is waarschijnlijk niet overleden t.g.v.krijgshandelingen. Er waren toen diverse epidemieën. Het is trouwens bekend dat het sterftecijfer t.g.v. ziekten onder de rekruten in die tijd zeer hoog was, wel bijna 50 procent na de contracttijd van 6 jaar.
Hij is bijgezet op 20-08-1830 in Indië. Het overlijden is in zijn geboorteland bekend gemaakt met een aanschrijving aan Zijne Excellentie de Heer Staatsraad Gouverneur van Noord Holland d.d. 23.10.1818.

Zijn vrouw Anna was overleden op 23 mei 1816 in Amsterdam. Zij woonde toen in de Kleine Wittenburgerstraat nr.40 (K2). Aangifte werd gedaan door haar vader die toen 61 jaar was, wonende in de Heisteeg nr. 8, kapper en door Friedrich Schwerdfeger, zwager van de overledene, 26 jaar, kleermaker, wonende op de Prinsengracht bij de Leidsestraat nr. 4.

Dat Johannes in feite nog getrouwd was blijkt uit de overlijdensakte van zijn echtgenote. In de militaire boeken staat echter niets aangegeven over zijn huwelijk, wel dat hij is overleden zonder testament en dat eventuele erfgenamen onbekend waren. Over zijn zonen werd ook niet gerept. Het lijkt erop dat hij afstand had genomen van zijn gezin. Het provenu der nalatenschap ten bedrage van F 37:3:10,te weten 37 Daalders, 3 Stuivers, 10 senten ( zie nader verb: Oct.1819 no.10) werd 13-06 1818 gestort in 't Saniskas (Slavenkas) te Batavia met de toevoeging (zie nader verbr. Decrt.1819 No.10).

Over de ouders van Anna van Walwijk het volgende: Willem Abraham van Walwijk, hervormd,20 jaar, wonend Reguliersdwarsstraat was op 29.09.1775 in ondertrouw gegaan met Johanna Bart uit Leiden, hervormd, 21 jaar. Hij werd geassisteerd door zijn vader Adrianus van Walwijk, zij door haar moeder Anna Wouterse. Dit huwelijk werd voltrokken op 17.10.1775 in de Nieuwe Kerk (hervormd).
Willem Abraham was een zoon van Adrianus van Walwijck en Claara Pollee. Hij werd op 09.10.1754 gedoopt in de Hervormde Zuiderkerk met als getuigen Abraham Pollee en Elisabeth van Walwijck. (aanvraag doopbewijs dd 10.10.1754)

Generatie 5

Jacobus Dirk was geboren 18 januari 1807 en Evangelisch-Luthers gedoopt op 21.01.1807 in de Oude Luthers Evangelische kerk in Amsterdam. Getuigen bij de doop waren: Jacob Houtkamp (60 jaar oud) en Dirkje Houtkamp(32 jaar oud). De Pastor was Christiaan Heinrich Ebersbach. (zie ook getypt doopregister).
Jacob Dirk
was de jongste van de twee zoons van Johannes Houtkamp en Anna van Walwijk.

Jacobus Dirk trouwde op 9-07-1835 op 28 jarige leeftijd met Wijnanda Elisabeth Wedding zonder beroep, geboren 29 11.1812 in Amsterdam en wonend bij haar ouders.
Zij was een dochter van Isaac Wedding die was overleden op 28.11.1823 in Amsterdam en van Johanna Catharina Donk die was overleden op 22.02.1836 eveneens in Amsterdam. Deze hadden een koper-en blikslagerij te Amsterdam op de hoek van de Herengracht en Herenstraat.
In een krantenannonce was het overlijden van deze ouders bekendgemaakt met de mededeling dat de “Affaire” provisioneel op dezelfde voet zal worden gecontinueerd, ondertekend o.a. door Geb. Wedding.
Getuigen bij het huwelijk van Jacobus Dirk waren Johannes Houtkamp, oud 30 jaar van beroep kleermaker, Albert Wedding, 70 jaar oud, oom van de echtgenote en van beroep koperslager, Volkert van Munster, oud 32 jaar, winkelier en Jan Hendrik Numan, oud 41 jaar, kunsthandelaar.
De ouders van Jacobus Dirk waren ten tijde van het huwelijk overleden.

Jacobus Dirk werd later kleermaker-winkelier, wonend aan de Joodenbreestraat, no.7, Kanton 1, A'dam. Hij kreeg vrijstelling van militaire dienst. Wel zijn enkele lichaamskenmerken bekend,nl.:

Lengte   1 el, 6 pm, 3 dm, 0 st
(1 el=70cm,1 palm=10cm,1 duim=2,5cm,1 streep=0,3cm) dus ca.1 meter 60 cm.
Aangezicht ovaal
Voorhoofd plat
Oogen bruin
Neus spits
Mond ordinair
Haar bruin

Op 4 April 1836 werd een dode dochter geboren.
Uit het huwelijk werden verder geboren:

Dirk op 6 november 1837 te Amsterdam en

Isaac Jacobus op 28 Juni 1840 (79) eveneens in Amsterdam.


Jacob Dirk
overleed 22.07.1840 onverwacht na een 5 jarig huwelijk.

 

Zijn weduwe Wijnanda Elisabeth Wedding ging op 04.05.1843 in Amsterdam opnieuw een huwelijk aan, nu met Johannes Bergman, oud 35 jaren, geboren in Amsterdam en woonachtig aldaar en van beroep schilder. Hij was de meerderjarige zoon van Frederik Bergman en Dorothea Krang, beiden al overleden. Willem van Walwijk, kapper als de nog enige overgebleven familie van de bruid en een lid van het personeel van de bruidegom ondertekenden mede de huwelijksverklaring.
In de huwelijksakte werd vermeld dat Wijnanda winkelierster was. Zij was toen 30 jaren oud. Getuigen bij dit huwelijk waren:
Jan Hendrik Numan, zwager van de echtgenoot, winkelier oud 69 jaren.
Dirk Justus Wedding, neef der echtgenoot, koperslager, oud dertig jaren
Daniel Numan, brieven bestelder, oud negen en dertig jaren
Evert Willem Groen,blikslager en zes en dertig jaren oud, allen wonende in Amsterdam.
Uit dit huwelijk werden geen kinderen geboren

Wijnanda Elisabeth, toen zonder beroep, overleed 40 jaren oud op 08.10.1852 wonend in het huis staande Singel 431 nr.431, Kanton 3. Aansprekers waren: Jan Hendrik Numan, van beroep winkelier, negen en vijftig jaren oud, wonende
Koningstraat O234, zwager van de overledene en Dirk Justus Wedding, koperslager, oud veertig jaren, wonend in de Leliestraat 43, neef van de overledene.

Isaac Jacobus werd huisschilder en trouwde toen hij acht en twintig jaren oud was op 20.08.1868 met Elizabet van Elfrinkhoff. Zij was zonder beroep, oud vier en twintig jaren, dochter van Gerrit van Elfrinkhoff en Grietje Hilman
Getuigen waren:
Jan Hendrik Numan,oom der echtgenoot,zonder beroep, oud twee en zeventig jaren
Johannes Bergman, schilder oud zestig jaren
Jan Brendenberg, timmerman, oud acht en vijftig jaren
Jan Rotters, boekhouder, oud acht en dertig jaren, wonende allen alhier.
In febr.1881 werd in een krantenannonce bedankt voor felicitaties voor hun twaalf en een half jarig huwelijk.
Op 18.10.1871 werd uit het huwelijk zoon Johannes geboren.
Vader Isaac Jacobus en echtgenote woonden toen in de Kerkstraat, buurt aa no.668.
De geboorteaangifte werd gedaan door Johannes Bergman, schilder, oud 63 jaren wonende Regulierdwarsstraat nr.321 en Wilhelm Hilman, klerk oud 37 jaren, wonend Papenbrugssteeg 5.

Isaac Jacobus was kennelijk een goede werkgever. Zijn werkplaats was Prinsengracht 1111. In een familieadvertentie uit 1893 werd hij door zijn personeel bedankt voor een gegeven loonsverhoging terwijl hij in een ander bericht uit 1897 bedankt werd door een werknemer voor de waardering ondervonden na een 25-jarig dienstverband.

Volgens een uittreksel uit het bevolkingsregister van Amsterdam vertrok de zoon Johannes Houtkamp, geboren 18.10.1871 op 07.07.1902 naar Ermelo Groot Veldwijk, een psychiatrische inrichting. Hij was daar patient en overleed aldaar op 25.04.1945 op 74 jarige leeftijd.
Hij is begraven op de begraafplaats van de inrichting onder nr.393. Een eenvoudig stenen paaltje met het nummer markeert de plaats waar hij begraven ligt( 87)
Isaac Jacobus overleed in Amsterdam oud 77 jaren op 26.02.1917.

 


Zijn echtgenote Elizabet van Ellfrinkhof overleed op 12.05.1920 op 75 jarige leeftijd. Zoon Johannes was toen nog in leven. Zijn naam kwam, zijnde haar zoon, ook voor op het overlijdensbericht van zijn moeder in de krant.

Johannes Houtkamp, oudste zoon van Johannes Houtkamp en Anna van Walwijk, was geboren op 10 Oktober1804 in Amsterdam.

Hij trouwde 30 Januari 1828 met Maria Bergman,die geboren was op 10 augustus 1803 en werd op 26 augustus evenals Johannes Evangelisch Luthers gedoopt. Het beroep van Johannes was “kleerenmaker”, zij was dienstbode. Zij was een meerderjarige dochter van Frederik Bergman en Dorothea Krang, beiden al overleden.
Het echtpaar woonde in de Spiegelstraat 9, Kanton 3. Zij kregen de volgende kinderen:

 

Dirkje op 17 December 1828,

Johannes Adrianus op 15 Juni 1830

Dirkje op 19 Juli 1831,

Jacob Dirk op 30 Juni 1832(95)en

Anna Dorothea op 17 Februari 1834

De op 17 December 1828 geboren Dirkje overleed 5 Maart 1829.
Johannes Adrianus ging als soldaat in garnizoen op de Militaire School bij het 6e Regiment Infanterie in Haarlem. Hij overleed daar aan de gevolgen van roodvonk in September 1848 op de leeftijd van 18 jaren.
Dochter Dirkje, geboren in 1831 werd acht en zeventig jaren en overleed op 13 April 1910.
Van de andere kinderen overleed Jacob Dirk al 2 dagen na zijn geboorte.


Vader Johannes overleed op 31 Januari 1835.
De weduwe Maria Bergman begon een winkel met de naam “Het grote Schoenenmagazijn”, gevestigd in de Spiegelstraat nr.9.(plaatje102)+plaatje 103 overlijden

Zij trouwde daarna met J.H.Numan, winkelier in Tekenbehoeften (103). Hij was geboren 9 Februari 1794. Zij werd toen Schoenenmagazijnhoudster echter met de naam “de Firma Wed. J.Houtkamp en Jan Hendrik Numan,Winkelier in Tekenbehoeften”. Deze firma is failliet gegaan in 1844. Het faillissement is echter op 8 Maart 1844 gehomologeerd door betaling aan de schuldeisers. Uit dit huwelijk zijn geen kinderen voortgekomen.


Over de ouders van Wijnanda Elisabeth Wedding het volgende: Isaac Wedding, van Utrecht, 26 jaar oud, wonend in de Reguliersdwarsstraat is op 29.04.1728 in ondertrouw gegaan met Elisabeth Agges, van Amsterdam, oud 22 jaar die woonde op de Prinsengracht. De ouders van Isaac waren overleden. Bij het huwelijk werd hij geassisteerd door zijn oom Jan van Doorn, zijn vader Justus Wedding was al 4 jaar naar Oost-Indie en vermist. De bruid werd geassisteerd door haar vader Zirach Agges.
Elisabeth Agges overleed op …..De weduwnaar Isaac Wedding uit Amsterdam ging op 16.07.1733 opnieuw in ondertrouw nu met Margreta Hardenberg, uit Amsterdam, 36 jr en wonend op de Prinsengracht. Zij werd geassisteerd door haar vader Christoffel Hardenberg.
Isaac woonde toen in de Nieuwe Leliestraat.
Uit dit huwelijk kwam 1 kind voort met de naam Justus dat op 17.10.1734 hervormd gedoopt werd in de Westerkerk. Getuigen waren Christoffel Hardenberg en Catrina Reijtsma.

Generatie 4

Dirk Houtkamp is geboren en gedoopt op 6 november 1837 te Amsterdam. Zijn vader, Jacob Dirk Houtkamp overleed in 1840. Zijn moeder was Wijnanda Elizabeth Wedding, overleden in 1852. Op 10 Mei 1861 is hij in Amsterdam getrouwd met  Johanna Maria Doornaar. Zij was geboren op 4 Februari 1841 in Amsterdam en ze woonde voor het trouwen op de Dam aldaar.
Haar beroep was boekbinder; echter tijdens het huwelijk was zij zonder betrekking. Haar ouders waren Johannes Doornaar, eveneens boekbinder en tevens boekhandelaar en Maria Crisstiena van Reenen. De vader van Crisstiena, Arnoldus van Reenen die de zoon was van Arnoldus van Rheenen en Johanna Catharina Riel had op 20.01.1836 zijn oorspronkelijke achternaam Van Rheenen veranderd in Van Renen.

Dirk Houtkamp was in de Gemeente Amsterdam ingeschreven voor dienst in de Nationale Militie en door loting was hij tot de dienst verplicht. Hij heeft de diensttijd ontlopen door een plaatsvervanger aan te stellen iets wat in die tijd toegestaan was. Het zal hem zeker wel wat gekost hebben.

 Het gebeurde ook wel dat een behoeftige werkloze de ongemakken van de militaire dienst op de koop toe nam om te profiteren van goede voeding en daarom graag als plaatsvervanger optrad.

 

 

 

      De Voorstraat in Dirksland in ca.1850

Om in het huwelijk te kunnen treden had Dirk een verklaring nodig van de Nationale Militie waarin verklaard werd dat hij of een plaatsvervanger aan de plichten voor de dienst had voldaan.Dankzij het Certificaat van de Nationale Militie weten we ook iets over Dirk’s uiterlijk. Het daarin aangegeven signalement luidde:

Lengte   .1 El, 7 Pm,5 Dm, 5 St, dit is 175,5 cm
Aangezicht ovaal
Voorhoofd breed
Oogen blauw
Neus gewoon
Mond idem
Kin rond
Haar bruin
Wenkbrauwen idem
Merkbare tekenen geen
(1 el=70cm,1 palm=10cm,1 duim=2,5cm,1 streep=0,3cm)

In het midden van de negentiende eeuw had in vergelijking met de eeuw daarvoor Amsterdam zijn vooraanstaande positie in Europa voor wat boekhandel en boekbinden betreft verloren. Toch nam de boekhandel en alles wat daarmee verband hield nog een belangrijke plaats in. In Amsterdam waren vrij veel boekhandels, misschien is dat de reden geweest dat Dirk zich in het kleine landbouwdorp Dirksland ver van het veel grotere Amsterdam vestigde om daar een boekhandel te beginnen in samenwerking met de boekhandel van de vader van zijn toekomstige echtgenote. Een andere mogelijkheid is dat een zwakke gezondheid bij het verhuizen naar de landelijke omgeving een rol speelde. Hij is uiteindelijk maar 39 jaar geworden.
Dirk liet zich 14 December 1861 met Johanna Maria inschrijven in Dirksland. De datum van vestiging was 26 November 1860 als boekhandelaar met een boekhandel aan huis met adres Voorstraat 9 of 15. Johanna Maria werd op 23 Mei 1861 als in Dirksland gevestigd ingeschreven.
Beiden zijn volgens de archieven van de Ned.Herv.kerk in Dirksland met hun resp. vestigingsdata vermeld als lidmaat terwijl bij Dirk alleen het jaar van overlijden vermeld staat.Verder niets, ook niet over het overlijden van de kinderen. Dirk bekleedde ook geen kerkelijke functie.

De afkondigingen van het voorgenomen huwelijk vonden plaats in Amsterdam en in Dirksland op 21 en 28 April 1861.
Een familiebericht in een courant meldde het huwelijk met de mededeling dat het de enige en algemene aankondiging was.

De huwelijksvoltrekking vond plaats in Amsterdam op 10 Mei 1861 met de volgende getuigen:
Johannes Bergman,stiefvader van de bruidegom, oud 53 jaren, schilder
Jan Hendrik Numan,winkelier, oud 67 jaar, oom van de bruidegom
Dirk Justus Wedding,koperslager, oud 49 jaren en oom van de bruidegom
HendrikDoornaar ,oom van de bruid, winkelier, oud 36 jaren,
Allen woonachtig in Amsterdam

Uit het huwelijk werden 6 kinderen geboren met de volgende namen:

Johannes Jacobus, geb.datum 31-12-1862
Maria Christina, geb.dat. 17dec. 1864
Wilhelmina Elisabeth, geb.dat. 3jan.1866
Victor Hugo, geb.dat. 15 februari 1869
Georg Wilhelm, geb.dat. 17 aug. 1870 en
Jacob, geb.dat. 28 dec.1871

Van de kinderen overleed  Georg Willem op 2 mei 1872, 21 maanden oud in Dirksland, aangegeven door Johannes van Putten, bekende van de familie, 26 jaar oud, telegrafist en door Leendert van de Gevel, 44 jaar oud, molenaar, eveneens bekende van de familie.
Maria Christina overleed op 29 november 1871, 6 jaar oud eveneens in Dirksland, aangegeven door Johannes Roodzand, 69 jaar oud architect, bekende en door Pieter Roodzand, 35 jaar oud, timmerman ,bekende.

Op 19 juni 1874 liet de echtgenote Johanna Maria zich uit Dirksland uitschrijven en vertrok naar Amsterdam. In de tijd dat ze in Amsterdam was verbleef zij vanaf 24 Juni op het adres Lauriergracht FF 199 (later in 1874/omgenummerd in nr.98). In Juli 1874 is zij verhuisd naar de Kerkstraat AA 667 (bij de omnummering werd dit Kerkstraat 298.). Op 5 Februari 1875 werd zij weer uitgeschreven om naar Dirksland te vertrekken waar zij opnieuw werd ingeschreven.

Op 25 maart 1876, ongeveer een jaar na haar terugkomst, overleed haar echtgenoot Dirk op 39 jarige leeftijd in Dirksland. Op de aangifte van overlijden werd als zijn beroep boekhandelaar en als adres Voorstraat 15 vermeld.
Aangifte van het overlijden werd gedaan door Jacob van Klink, 66 jaar oud, van beroep timmerman en door Tobias Johannes Bakker, kleermaker.

Dirk heeft zowel in de tijd dat hij in Amsterdam als in Dirksland verbleef medewerking verleend aan de toenmalig uitgegeven boekjes “Moeders Schoot”, boekjes met godsdienstige en zedelijke verhalen voor kinderen. Meerdere gedichtjes van zijn hand zijn erin verschenen. Er uit blijkt dat hij tamelijk zwaarmoedig van karakter was en de kinderen uit die tijd tot goede dingen wilde aansporen. Gezien zijn taalgebruik was hij zeker intelligent.

 

 

Johanna Maria Doornaar hertrouwde na de dood van haar echtgenoot op 13-11-1879 in Dirksland met Aren Langejan, geboren op 18-05-1858 in Dirksland, volgens de huwelijksakte oorspronkelijk arbeider. Johanna Maria staat in die acte als boekverkoopster genoteerd terwijl de bruidegom na het huwelijk bij de burgerlijke stand werd aangegeven als boekhandelaar, hoofd van het gezin. Om te mogen trouwen had hij zoals gebruikelijk in die tijd net zoals de eerdere echtgenoot van zijn aanstaande vrouw toestemming nodig van de militaire autoriteiten i.v.m.zijn dienstplicht als milicien bij de Nationale Militie, die hij vervuld heeft. Ten tijde van hun huwelijk was hij 21 jaar en Johanna Maria 38 jaar oud. Het echtpaar heeft geen kinderen gekregen. De godsdienst van Aren Langejan was Nederlands Hervormd.

Kennelijk ging het slecht met de boekhandel Waarschijnlijk was dat ook de reden dat Johanna Maria toen haar eerste echtgenoot nog leefde enige tijd in Amsterdam verbleef om te proberen daar in de boekhandel wat te verdienen.
Op 20.10.1880 werd voor Aren Langejan faillissement aangevraagd en in 1881 uitgesproken. De boedel werd insolvent verklaard. In de faillisementsaanvraag werd hij genoemd boekverkoper en winkelier te Dirksland.

Dochter Wilhelmina Elisabeth ging 06-01-1881 op 15-jarige leeftijd naar Vlaardingen om op 18-02-1881 weer ingeschreven te worden in Dirksland. Ze is die tijd bij de gemeente Vlaardingen ingeschreven gestaan en was gedurende die tijd werkzaam als dienstbode in het gezin van fabrikant Andries Willem Schippers (1843) in het pand Oosthavenkade 175. De reden van haar snelle terugkeer is waarschijnlijk geweest om met de familie, stiefvader Aren Langejan en hun moeder samen met de kinderen Victor Hugo en Jacob op 07-03-1881 zonder veel voorbereiding te vertrekken naar Noord-Amerika. Zij hebben zeker niet per luxe passagierschip gereisd want in de lijsten van diverse scheepvaartmaarschappijen is niets over hun aanwezigheid gevonden. In de Staat der Landverhuizers van de Provincie Zuid-Holland uit 1881 met de officiële vertrekgegevens werd aangegeven dat het gezin tot de behoeftigen behoorde en dat de reden van hun vertrek lotsverbetering was. Voor hun hoofdelijke omslag waren ze aangeslagen voor de derde klasse.

Johanna Maria Doornaar zou naderhand overleden zijn te Paterson, USA.
Over het lot van de geëmigreerde kinderen Houtkamp en over Aren Langejan is tot op heden niets bekend.
De oudste zoon Johannes Jacobus bleef in Nederland en ging naar Harderwijk.

Generatie 3

Johannes Jacobus Houtkamp werd geboren op 31 december 1862 in Dirksland.
Hij was de oudste van een gezin van 6 kinderen. Ongeveer twee en een half jaar na het overlijden van zijn vader verliet hij het ouderlijk huis en vertrok hij op 24 oktober 1878 naar Harderwijk om daar te gaan werken bij de drukkerij/uitgeverij fa.Wedding, waarschijnlijk familie van zijn grootmoeder. De firma bestaat onder deze naam nog steeds hoewel in gewijzigde vorm.
De 7e April 1880 ging hij als vrijwilliger in Harderwijk in dienst bij het Instructie Bataljon als soldaat. Hij had voor de lichting 1882 op moeten komen voor het vervullen van zijn dienstplicht bij de Nationale Militie maar hij was vrijgesteld wegens broederdienst. Op 16 Augustus 1881 werd hij overgenomen van het Instructie Bataljon en geplaatst bij het 3e Regiment Infanterie met de rang van korporaal . Na een jaar tussendoor geplaatst te zijn bij het Koloniaal Werfdepot kwam hij op 20 October 1888 terug bij het Infanterie Regiment. Hierna werd zijn dienstverband geregeld verlengd met 6 jaren tot hij op 31 December 1922 wegens langdurige dienst ontslagen werd. levenslang pensioen toegekend werd van ƒ. 2296 per jaar.
Bij zijn indiensttreding werd zijn uiterlijk als volgt omschreven:

Lengte   1 meter, 7 decimeter, 0 centimeter, 5 millimeter
Aangezicht ovaal
Voorhoofd hoog
Oogen bruin
Neus gewoon
Mond idem
Kin rond
Haar donkerbruin
Wenkbrauwen idem
Merkbare tekenen geen

Hij doorliep achtereenvolgens verschillende rangen tot hij op 6 Juni 1904 bevorderd werd tot sergeant majoor en tot adjudant schrijver op 11 maart 1908. Daarna op 16 Augustus 1914 schrijver 1e klasse. Hij werd onderscheiden met een bronzen, een zilveren en een gouden medaille voor trouwe dienst en tussendoor kreeg hij nog een onderscheiding voor 30-jarige dienst op 7 april 1910. In een krantenartikel uit 1920 werd vermeld dat op 7 April van dat jaar de adj.onderofficier J.J.Houtkamp van de 3e Infant.Brigade te Bergen op Zoom de dag herdacht dat hij als volontair bij het Instructie-Bataljon 40 jaar daarvoor in dienst was getreden.
Gedurende zijn diensttijd kreeg hij steeds meer te maken met bijziendheid aan beide ogen wat hem niet belette zijn taak te vervullen tot aan zijn pensioen.

Johannes Jacobus was op 8 november 1888 in Bergen op Zoom getrouwd met Maria Catharina van Dort, geboren 13 november 1867 in Bergen op Zoom.

Voor het aangaan van het huwelijk kreeg hij de in die tijd noodzakelijke toestemming van de Kolonel-Commandant van zijn regiment. Zijn rang was toen sergeant. Zijn vrouw had geen beroep. Ze kwam van redelijk goede familie. Haar vader Willem van Dort was mede-eigenaar van enkele visserschepen voor o.a. de mosselvangst en tevens een visconservenfabriekje (hoewel hij in het bevolkingsregister ook schippersknecht en oesterhandelaar genoemd werd). Een broer van Catharina, Willem van Dort genoot enige bekendheid als kunstschilder.

Uit het huwelijk werden zes kinderen geboren

1.Willem Dirk, geboren 17-03- 1888 huwde Johanna Hoogerwerf
2.Dirk, geboren 23-10-1889,huwde Adriana Jacoba de Bruin
3.Johanna Jacoba, geboren 13-03-1892 huwde Piet Visser
4.Maria Elizabeth, geboren 26-08-1897 huwde J.Zaanen
5.Johan Pieter, geboren 20-12-1900 huwde Riek Martens(hij staat niet op de foto)
6..Wilhelmina Elizabeth, geboren 01-07-1907 huwde J.Stomphorst

 

 

 

Het gezin Houtkamp in ca.1900


 

 

Volgens het bevolkingsregister van Bergen op Zoom zijn beiden op 11 mei 1908 ingeschreven als inwoners van die gemeente met als woonadres Boutershemstraat 23 en daarna Zuidsingel 9a. Johannes Jacobus was ten tijde van het huwelijk inmiddels tot Administratief Adjunct Onderofficier van de derde Inf.Brigade te B.o.Z. bevorderd. Voordien was hij in garnizoen en als beroepsmilitair niet als inwoner van Bergen op Zoom ingeschreven.

Vader Johannes Jacobus en echtgenote verhuisden op 20-10-1927 van Bergen op Zoom naar Rotterdam, Beukelsweg 83a, waar vader Houtkamp overleed op 26-12-1928.
Op 24-07-1931 verhuisde zijn weduwe Maria Catharina van Dort naar Voorburg, Koningin Wilhelminalaan 359 waarna zij verhuisd is op 9-04-1936 naar Gorinchem, Emmastraat 51, vervolgens op 3-07-1945 naar de Pr.Bernhardlaan 19 in Bergen op Zoom, weer daarna 10-09-1946 naar NZ Haven 62a, op 9-04-1949 naar de Steijnstraat 20 en daarna op 18-05-1949 naar de Moerstr.baan153 steeds in Bergen op Zoom. Zij overleed op 25-03-1952 in Amersfoort toen zij logeerde bij haar dochter Wilhelmina Elizabeth.

Generatie 2

Willem Dirk Houtkampwerd geboren op 17-03-1888 in Bergen op Zoom. Hij trouwde op 21-8-1913 in Tholen met Johanna Hoogerwerf. Zij was geboren 11-02-1894 in Tholen.

Het stadje Tholen, nu de gemeente Tholen bestaat uit de voormalige eilanden Tholen en Sint-Philipsland. De naam Tholen is onstaan door de tol die vroeger op de rivier de Eendracht (nu Schelde-Rijnkanaal) en de Striene werd geheven. In het begin van de twintigste eeuw was Tholen nog een eiland, sinds 1927 vormt een brug een verbinding met Brabant. Behalve visserij en mosselvangst is oesterteelt belangrijk geweest. De laatste is echter in de tweede helft van de twintigste eeuw als gevolg van een strenge vorstperiode uit Tholen verdwenen en niet teruggekeerd mede door het ontbreken van de voor de teelt nodige eb en vloed.

De leeftijden van Willem Dirk en Johanna tijdens het huwelijk waren resp.25 en 19 jaar. Getuigen bij het huwelijk waren van de kant van de bruidegom zijn ooms Pieter Willem van Dort, oud zeven en veertig jaren en Jacob Willem van Dort oud drie en veertig jaren, beiden oesterhandelaar. Van de kant van de bruid waren de getuigen haar grootvader Marinus de Korte, oud een en zestig jaren en een oom Simon de Korte, oud zes en dertig jaren, beiden kleermaker.

 

Anders dan haar echtgenoot had de bruid een behoorlijk strenge christelijke opvoeding gekregen. Haar ouders waren zeer gelovig Nederlands Hervormd. Haar vader Frans Hoogerwerf evenals haar moeder Kriena de Korte waren in het zeer godsdienstige Tholen geboren en opgevoed. Bidden en bijbel lezen voor en na de maaltijden was vaste gewoonte. Het was ook een groot gezin, 15 kinderen waarvan 6 zoons en 8 dochters en een doodgeboren kind.

Ouders Hoogerwerf

De vader van Kriena de Korte, de grootvader van Johanna, Marinus de Korte, kleermaker kreeg bij zijn overlijden in 1919 een speciale vermelding in de Thoolse courant dat hij “algemeen geacht en bekend was om zijn bijzondere leesgave die hij iedere Zondag in de Ned.Hervormde kerk tentoonstelde”.  

 


Vader Frans Hoogerwerf was van beroep visser, moeder Kriena de Korte was vroedvrouw. Door slapte in de visserij in 1914 kon vader Frans zijn beroep als visser niet meer uitoefenen waarna hij met een van zijn kinderen die eveneens zonder werk was gekomen naar Rotterdam vertrok om o.m. in de haven een baan te zoeken wat ook lukte.
Na enige tijd was echter ook in de haven weinig werk i.v.m.de mobilisatie tijdens de Eerste Wereldoorlog zodat beiden tijdelijk weer teruggingen naar Tholen. Toen weer betere tijden aanbraken in de haven verhuisden vader en moeder Hoogerwerf met een aantal van hun kinderen in 1924 definitief naar Rotterdam.
Terwijl moeder Johanna streng christelijk opgevoed was had vader Willem een minder streng godsdienstige opvoeding genoten, een opvoeding wel enigszins passend bij de functie van zijn vader als beroepsmilitair. Hun godsdienst was Nederlands Hervormd.

Het beroep van Willem Dirk stond bij de gemeente Tholen waar hij trouwde en op 22.08.1913 als inwoner werd ingeschreven aangegeven als oestervisscher en dat van zijn vrouw Johanna als dienstbode. Hun woonadres was Hofstraat 9, een vrij kleine woning in een rijtje, naast de woning van de ouders van Johanna die woonden op Hofstraat 7. Het echtpaar kreeg drie kinderen:

 

- Maria Catharina, geboren 22-01-1914 in Tholen(165), zij trouwde 27.05.1935 in Velsen met de beroepsmilitair Jan v.d.Burg.
- Kriena Johanna, geboren 23-05-1915 in Tholen, zij trouwde in Eindhoven met Henricus Willem Johannes Ansems.
-Johannes Jacobus, geboren 30-08-1921, in Gorinchem. Hij werd Ned.Herv. gedoopt in Gorcum op 20-06-1926. Hij trouwde op 29.08.1946 in Eindhoven met Johanna Maria Klerkx.

 

Vòòr zijn huwelijk en ook toen hij met gezin in Tholen woonde voer Willem Dirk als visser o.a. op boten van zijn grootvader en van zijn ooms. Daarna kreeg vader Willem Dirk een baan als inspecteur bij de visserijpolitie met standplaats Harlingen. Regelmatig was hij zes weken weg en dan weer een week of wat thuis. Door inkrimping van de inspectie o.a. i.v.m. inpoldering van de Zuiderzee werd hij overbodig en kreeg hij een baan bij de Rijkswaterstaat als brugwachter in Gorinchem waardoor verhuizing van het gezin naar die plaats nodig was.

Het vestingstadje Gorinchem, ook Gorcum genoemd was een tamelijk klein plaatsje met in die tijd ongeveer 2500 inwoners en met wat industrie, zoals De Vries Robbé. Het lag heel mooi aan de rivier de Boven Merwede, met schuin aan de overkant kasteel Loevestijn op de plaats waar Maas en Waal samenvloeien.

Het gezin verhuisde op 15.11.1923 naar Gorinchem en kreeg daar een rijkswoning toegewezen aan het Eind van de Langedijk B 203, later gewoon Eind B2. Het was een huis met een trapgevel met in de muur een tegel ingemetseld met het opschrift “In den Blauwen Hoed” en een in de muur gemetselde kanonskogel. Anders dan de indruk die deze versiersels deden vermoeden was het huis toch pas in ca.1900 gebouwd. Het had een beneden- en een bovenwoning met gemeenschappelijke ingang. Er was een zolder en een kelder die tijdens hoog water wel eens vol water kwam te staan. Een achteruitgang of een plaatsje achter het huis was er niet. Aan de zijkant was een vaart voor scheepvaartverkeer, deel van de Lingehaven.
Het verkeer dat over de brug kwam liep langs de de voorkant van het naast de brug gelegen woonhuis. De taak van de brugwachter was op geregelde tijden als een schip wilde passeren de brug vanuit een centraal punt staande in het midden met mankracht open te draaien, tamelijk zwaar werk.

In de tijd dat het gezin in Gorcum woonde werden van tijd tot tijd de ouders van Johanna bezocht die in Rotterdam woonden. De tocht werd gemaakt zowel over de rivier met de schepen van Fop Smit maar ook wel met de trein. Vader Willem Dirk vermaakte zich uitstekend tijdens die bezoekjes van enkele dagen, hij dronk graag een borreltje met zijn zwagers. Bezoek aan zijn ouders vond veel minder plaats.

Op 13.09.1932 verhuisde het gezin naar de gemeente Velsen, Meeuwenlaan 5 waar Willem Dirk pontwachter werd bij de (ketting)ponten die het verkeer mogelijk maakten tussen Velsen-IJmuiden en de rest van Noord Holland over het Noordzeekanaal. Dit was voor hem een positieverbetering. Dochter Kriena bleef tijdelijk in Gorcum achter om de studie voor onderwijzeres af te maken. Zij logeerde toen bij een zuster van haar vader, getrouwd met Jan Zaanen, een hoofdonderwijzer. Na succesvolle afronding ervan voegde zij zich na enige tijd weer bij het gezin.


In Velsen-Noord verhuisde het gezin van de Meeuwenlaan naar IJmuiden-Oost en betrok daar een oud huis aan de Stationsweg nr.71E, omdat vader daar dichter bij zijn werk was. Wat er ook bij speelde was de lagere huishuur. Daarna werd verhuisd naar een nieuw gebouwd huis in de Watervlietstraat in Beverwijk aan de Noordkant van het Noordzeekanaal. Ditmaal omdat het wonen in het oude huis niet beviel. Tijdens het wonen op dit adres trouwde dochter Marie op 27.05.1935 met sergeant Jan v.d.Burg waarop het jonggehuwde echtpaar naar Gorcum verhuisde.
Op 01.06.1930 was dochter Kriena verhuisd naar Eindhoven. Daar een baan als onderwijzeres waar zij voor opgeleid was niet te realiseren was nam zij een administratieve baan aan bij Philips aldaar. Zij trouwde op 15.05.1941 met de administratieve beambte bij Philips Henricus Willem Johannes Ansems. Zij nam daar de godsdienst aan van haar man die Rooms-Katholiek was. Na haar veertigste jaar ging zij weer als onderwijzeres werken.
Op 20.12.1935 volgde een verhuizing van het overgebleven deel van het gezin naar Zaandam waar vader Willem pontwachter en later 2e gezagvoerder werd op het pontveer voor het wegverkeer bij de Hembrug (spoorbrug).

Het eerste tijdelijke adres daar was op de Hemkade, een oud huis, rijp voor de sloop aan de rand van het Noordzeekanaal. Op 04.01.1937 volgde verhuizing naar Hemkade 35, een nieuw huis eveneens aan de rand van het Noordzeekanaal.
Het was in deze periode dat moeder Johanna Houtkamp op 21.07.1938, 44 jaar oud overleed. Zij werd begraven op de Algemene Begraafplaats in Zaandam op 25.07.1938.

Generatie 1

Op 12.04.1940 vertrok Johannesna beëindigen van zijn studie aan de Electrotechische school in Amsterdam naar Eindhoven om daar te gaan werken bij de firma Philips. Tijdens de Duitse bezetting in de Tweede Wereldoorlog werd hij in Oktober 1943 wegens weigering om voor de bezetter in Duitsland te werken opgepakt en na een half jaar in kamp Amersfoort doorgestuurd naar Duitsland om daar alsnog dwangarbeid te verrichten. Ongeveer een jaar later bij het einde van de oorlog keerde hij weer terug naar de firma Philips in Eindhoven om daarna na enige tijd bij een firma in Delft te gaan werken.

Na zijn pensionering in 1953 volgde een hele reeks verhuizingen, voor het grootste deel veroorzaakt door het enigszins wispelturige karakter van zijn tweede echtgenote, de vroegere huishoudster Jacoba Jozina Ista, geboren 01.09.1906. Zij drong aan op een huwelijk en omdat hij anders zonder huishoudelijke hulp kwam te zitten is hij op 07.09.1949 in Zaandam met haar getrouwd.

Ze zijn verschillende keren verhuisd, naar Bergen op Zoom, Rotterdam en uiteindelijk Den Haag.

Hier overleed Willem Dirk op 06.05.1970 op 82-jarige leeftijd. Hij is gecremeerd op de begraafplaats Ockenburg te s’Gravenhage/Loosduinen op 10.06.1970. Zijn tweede vrouw overleed in Den Haag op 16.06.1992 en werd begraven op de begraafplaats Westduin in Loosduinen.

Dochter Maria Catharina, inmiddels weduwe overleed oud 89 jaar op 22.02.2002 in Doorn. Zij is op 01.03.2002 begraven op de Nieuwe Algemene Begraafplaats in Doorn.
Dochter Kriena Johanna ook weduwe overleed oud 91 jaar op 19.11.2006 in Veldhoven.

Zoon Johannes Jacobus trouwde op 26.12.1946 met Johanna Maria Klerkx. Zij kregen 4 kinderen.

1. Pieternella Catharina 16 aug 1948
2. Johanna 30 juli 1951
3. Willem Dirk 20 maart 1953
4. Josephine Marcia 1 sept 1958

Johanna Maria Klerkx overleed op 18.12.2004. Zij is begraven op 23.12.2004 op de Algemene Begraafplaats Jaffa te Delft.